Buitencontractuele aansprakelijkheid binnenkort in nieuw B.W. – deel 3 (LegalNews.be)

Auteur: LegalNews.be

Publicatiedatum: 11/04/2018

De publieke consultatie van de voorstelteksten aansprakelijkheidsrecht loopt van donderdag 29 maart 2018 tot en met dinsdag 1 mei 2018.

LegalNews.be geeft u in drie opeenvolgende artikelen een selectie van een aantal in het oog springende bepalingen.

In het eerste deel werden volgende aspecten behandeld: samenloop van buitencontractuele en contractuele aansprakelijkheid, de grondslagen van de buitencontractuele aansprakelijkheid, de gronden van uitsluiting van aansprakelijkheid, aansprakelijkheid van minderjarigen en geestesgestoorden, aansprakelijkheid voor andermans daad, foutloze aansprakelijkheid voor zaken en dieren.

In het tweede artikel kwamen volgende aspecten aan bod: ‘oorzakelijk verband’ en ‘schade’.

In dit derde artikel overloopt LegalNews.be de aspecten ‘gevolgen van aansprakelijkheid’, ‘regresvorderingen’ en ‘bijzondere aansprakelijkheidsregimes’.

1. Gevolgen van aansprakelijkheid: 

1.1. Integraal herstel

De schade wordt integraal hersteld, rekening houdend met de concrete toestand van de benadeelde.

1.2. Herstel van de patrimoniale schade

Het herstel van de patrimoniale schade strekt ertoe de benadeelde te plaatsen in de toestand waarin hij zich zou bevonden hebben indien de tot aansprakelijkheid leidende gebeurtenis zich niet zou hebben voorgedaan. Dit herstel vindt plaats in natura of door schadevergoeding.

Wanneer de benadeelde dit vordert wordt herstel in natura toegekend, tenzij dit onmogelijk is, rechtsmisbruik uitmaakt, de uitoefening van dwang op de persoon van de aansprakelijke vereist of in strijd is met de menselijke waardigheid.
Het herstel in natura strekt ertoe om de schadelijke gevolgen van een tot aansprakelijkheid leidende gebeurtenis in werkelijkheid ongedaan te maken. De rechter kan hiertoe een wijzing brengen aan de rechtstoestand van partijen of maatregelen bevelen uit te voeren door of op de kosten van de aansprakelijke en kan de benadeelde machtigen zich hiervoor in de plaatst te stellen van de aansprakelijke. De benadeelde kan een aanbod van de aansprakelijke om deze maatregelen zelf te nemen weigeren indien hij hiervoor gegronde redenen heeft.

De verschillende wijzen van herstel kunnen mekaar aanvullen indien dit nodig is om het integraal herstel van de schade te verzekeren.

1.3. Herstel van extrapatrimoniale schade

Het herstel van extrapatrimoniale schade heeft tot doel de benadeelde billijk en passend te vergoeden voor de pijn, het leed en andere stoornissen die hij heeft ondergaan.

1.4. Verbod of bevel

Onverminderd het recht op herstel van de schade, kan de rechter aan iemand die op foutieve wijze schade dreigt te berokkenen redelijke maatregelen opleggen om deze te voorkomen.

1.5. Schadevergoeding. Globaal bedrag of periodieke betalingen

Schadevergoeding wordt toegekend onder de vorm van een globaal bedrag of van periodieke betalingen naargelang dit passend is, rekening houdend met, onder meer, de toestand van de partijen en de belangen van de benadeelde.

1.6. Ogenblik van de bepaling van de schade

De schade wordt bepaald naar de datum die het tijdstip van het effectieve schadeherstel zo dicht mogelijk benadert.

1.7. Voordeelstoerekening

De voordelen die de benadeelde niet zou hebben ontvangen zonder het schadegeval en die strekken tot vergoeding van de door de aansprakelijke veroorzaakte schade, worden toegerekend op de schadevergoeding. Dit geldt eveneens voor de uitbetaling van een overlevingspensioen ingevolge het door de aansprakelijke veroorzaakte overlijden.

Voordelen toegekend met het oogmerk om de benadeelde te begiftigen, worden niet toegerekend op de schadevergoeding.

1.8. Afzonderlijke bepaling van de schadeposten

Onverminderd het derde lid bepaalt de rechter afzonderlijk elke schadepost waarvoor hij vergoeding toekent.

De rechter kan de omvang van de schade schatten wanneer het vaststellen van het juiste bedrag te moeilijk of te kostelijk is.

De rechter kan enkel een naar billijkheid vastgestelde schadevergoeding toekennen wanneer het onmogelijk is de schade op een meer precieze manier te bepalen.

1.9. Verergering van de schade

Wanneer de benadeelde bewijst dat hij nieuwe schade heeft geleden in oorzakelijk verband met het schadeverwekkend feit of dat zijn schade onvoorzienbaar is verergerd, kan hij een aanvullende schadevergoeding verkrijgen, in voorkomend geval door het instellen van een nieuwe vordering.

Evenwel kan de benadeelde geldig afstand doen van zijn rechten, behalve in geval van een aantasting van zijn fysieke integriteit.

1.10. Vrije beschikking over de schadevergoeding

Het bedrag van de schadevergoeding is niet afhankelijk van het gebruik dat de benadeelde ervan zal maken. Deze beschikt vrij over de schadevergoeding.

2. Regresvorderingen onder medeaansprakelijken:

Tenzij anders volgt uit de wet of een contract, gelden de volgende regels voor regresvorderingen onder medeaansprakelijken.

Wanneer meerdere personen tot vergoeding gehouden zijn op grond van een uit dit hoofdstuk voortvloeiende aansprakelijkheid, kan degene die de benadeelde vergoed heeft tegen de andere aansprakelijken regres uitoefenen in de mate waarmee het feit waarop de aansprakelijkheid van deze laatsten berust heeft bijgedragen aan het ontstaan van de schade.

Wie aansprakelijk is op grond van een fout begaan met het opzet schade te veroorzaken kan geen regres uitoefenen tegen mede-aansprakelijken die niet met hetzelfde opzet hebben gehandeld

Wie foutloos aansprakelijk is, kan voor de gehele vergoeding waartoe hij gehouden is regres uitoefenen tegen degene door wiens fout de voorwaarden voor deze aansprakelijkheid vervuld zijn.

3. Bijzondere aansprakelijkheidsregimes:

3.1. Foutloze aansprakelijkheid voor bijzonder gevaarlijke activiteiten

Beginsel. Onder voorbehoud van de bijzondere wetgeving die de aansprakelijkheid voor bepaalde risico’s op exclusieve wijze regelt, is de exploitant van een professionele activiteit die een specifiek en ernstig gevaar oplevert aansprakelijk voor de schade veroorzaakt door deze activiteit indien dit gevaar zich realiseert.

Exploitant. Exploitant is de persoon die de macht van leiding en controle over de activiteit heeft.
Specifiek en ernstig gevaar. Er is een specifiek en ernstig gevaar wanneer er een aanzienlijke mogelijkheid bestaat dat schade van grote omvang optreedt.

Lijst van betrokkene activiteiten. De Koning stelt de lijst vast van de activiteiten waarop deze onderafdeling van toepassing is.
Vermoeden van oorzakelijk verband. Indien de benadeelde het oorzakelijk verband tussen de professionele activiteit die een specifiek en ernstig gevaar oplevert en de schade aannemelijk maakt, wordt vermoed dat de schade veroorzaakt is door deze activiteit. De exploitant kan het tegenbewijs leveren.

Gronden van uitsluiting van aansprakelijkheid. De exploitant is niet aansprakelijk wanneer hij bewijst dat de schade veroorzaakt werd door een opzettelijke fout van de benadeelde of van een derde, een daad van terrorisme, een oorlogshandeling of een natuurramp, hoewel de aangepaste veiligheidsmaatregelen waren genomen.
Vergoedbare schade.

Enkel schade die volgt uit een aantasting van het leven of de fysieke integriteit van een persoon wordt vergoed. De Koning kan bepalen dat de schade waarvoor de exploitant aansprakelijk is, beperkt is tot een bepaald bedrag.

3.2. Aansprakelijkheid voor producten

Beginsel.

De producent is aansprakelijk voor de schade veroorzaakt door een gebrek in zijn product.

Product.

Onder “product” wordt verstaan elk lichamelijk roerend goed, ook indien het een bestanddeel vormt van een ander roerend of onroerend goed, of indien het door bestemming onroerend is geworden. Onder product wordt ook elektriciteit verstaan.

Producent.

Onder “producent” wordt verstaan de fabrikant van een eindproduct, de fabrikant van een onderdeel van een eindproduct, de fabrikant of de producent van een grondstof, alsmede eenieder die zich als fabrikant of producent aandient door zijn naam, zijn merk of een ander herkenningsteken op het product aan te brengen.

Andere als producent beschouwde personen.

Onverminderd de aansprakelijkheid van de producent, wordt eenieder die, in het kader van zijn economische werkzaamheden, een product in de Europese Unie invoert, met het oogmerk het te verkopen of het gebruik ervan aan derden over te dragen, als producent beschouwd; zijn aansprakelijkheid is dezelfde als die van de producent.

De leverancier van het product dat de schade heeft veroorzaakt, wordt als producent beschouwd wanneer:

  • ingeval het product vervaardigd is op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Unie, niet kan worden vastgesteld wie de producent van het product is, tenzij de leverancier binnen een redelijke termijn aan de benadeelde de identiteit meedeelt van de producent of van degene die hem het product heeft geleverd
  • ingeval het product ingevoerd is in de Europese Unie, niet kan worden vastgesteld wie de invoerder van het product is, ook al is de naam van de producent aangegeven, tenzij de leverancier binnen een redelijke termijn aan de benadeelde de identiteit meedeelt van de invoerder of van degene die hem het product heeft geleverd.

Gebrekkig product.

Een product is gebrekkig wanneer het niet de veiligheid biedt die men gerechtigd is te verwachten, alle omstandigheden in aanmerking genomen, met name:

  • de presentatie van het product
  • het normaal of redelijkerwijze voorzienbaar gebruik van het product
  • het tijdstip waarop het product in het verkeer is gebracht.

Een product mag niet als gebrekkig worden beschouwd uitsluitend omdat er nadien een beter product in het verkeer is gebracht.

In het verkeer brenging.

Onder “in het verkeer brengen” wordt, in de zin van deze onderafdeling, verstaan de eerste daad waaruit de bedoeling van de producent blijkt om aan het product de bestemming te verlenen die hij aan dat product geeft door overdracht aan derden of door gebruik ten behoeve van laatstgenoemden.

Bewijslast

Het bewijs van de schade, van het gebrek en van het oorzakelijk verband tussen het gebrek en de schade moet door de benadeelde worden geleverd.

Gronden van uitsluiting van aansprakelijkheid

De producent is uit hoofde van deze onderafdeling aansprakelijk, tenzij hij bewijst:

  • dat hij het product niet in het verkeer heeft gebracht
  • dat het, gelet op de omstandigheden, aannemelijk is dat het gebrek dat de schade heeft veroorzaakt, niet bestond op het tijdstip waarop hij het product in het verkeer heeft gebracht, dan wel dat het gebrek later is ontstaan
  • dat het product noch voor de verkoop of voor enige andere vorm van verspreiding met een economisch doel van de producent is vervaardigd, noch vervaardigd of verspreid in het kader van de uitoefening van zijn beroep
  • dat het gebrek een gevolg is van het feit dat het product in overeenstemming is met dwingende overheidsvoorschriften
  • dat het op grond van de stand van de wetenschappelijke en technische kennis op het tijdstip waarop hij het product in het verkeer bracht, onmogelijk was het bestaan van het gebrek te ontdekken
  • dat, wat de producent van een onderdeel of de producent van een grondstof betreft, het gebrek te wijten is aan het ontwerp van het product waarvan het onderdeel of de grondstof een bestanddeel vormt, dan wel aan de onderrichtingen die door de producent van dat product zijn verstrekt.

Hoofdelijke aansprakelijkheid

Indien uit hoofde van deze onderafdeling verscheidene personen aansprakelijk zijn voor dezelfde schade, is elk van hen, onverminderd het regresrecht, hoofdelijk aansprakelijk.

Beperkingsbedingen

De aansprakelijkheid van de producent kan ten aanzien van de benadeelde niet worden uitgesloten of beperkt bij contract.

Zij kan worden uitgesloten of beperkt wanneer de schade wordt veroorzaakt, zowel door een gebrek in het product, als door schuld van de benadeelde of van een persoon voor wie de benadeelde verantwoordelijk is.

Onverminderd het regresrecht, wordt de aansprakelijkheid ten aanzien van de benadeelde niet uitgesloten of beperkt wanneer de schade wordt veroorzaakt, zowel door een gebrek in het product, als door toedoen van derden.

Vergoedbare schade

De schadeloosstelling die uit hoofde van deze onderafdeling kan worden bekomen, dekt de schade toegebracht aan personen, met inbegrip van morele schade en, onder voorbehoud van de hierna volgende bepalingen, de schade toegebracht aan goederen.

Schade toegebracht aan goederen levert alleen grond tot schadeloosstelling op indien de goederen gewoonlijk bestemd zijn voor gebruik of verbruik in de privésfeer en door de benadeelde hoofdzakelijk zijn gebruikt voor gebruik of verbruik in de privésfeer.
Schade toegebracht aan het gebrekkig product levert geen grond tot schadeloosstelling op.

Schadeloosstelling voor schade toegebracht aan goederen is slechts verschuldigd onder aftrek van een franchise van 500 EUR.

De Koning kan het in paragraaf 2 bepaalde bedrag wijzigen teneinde het in overeenstemming te brengen met de besluiten die de Raad heeft vastgesteld met toepassing van artikel 18.2, van de richtlijn 85/374/EEG van 25 juli 1985 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen der Lidstaten inzake de aansprakelijkheid voor producten met gebreken.

Verval en verjaringstermijnen.

Onverminderd artikel 2277ter het Burgerlijk Wetboek vervalt het recht van de benadeelde om van de producent schadevergoeding te bekomen uit hoofde van deze onderafdeling na een termijn van tien jaar, te rekenen van de dag waarop deze het product in het verkeer heeft gebracht, tenzij de benadeelde gedurende die periode op grond van deze onderafdeling een gerechtelijke procedure heeft ingesteld.

Onverminderd artikel 2277ter van het Burgerlijk Wetboek, verjaart de rechtsvordering ingesteld op grond van deze onderafdeling door verloop van drie jaar, te rekenen van de dag waarop de benadeelde er redelijkerwijs kennis van had moeten hebben.

De bepalingen van het Burgerlijk Wetboek betreffende schorsing en stuiting van de verjaring zijn op die rechtsvorderingen van toepassing.

Samenloop met andere aansprakelijkheidsgronden

Deze onderafdeling laat de rechten die de benadeelde ontleent aan het recht inzake contractuele of buitencontractuele aansprakelijkheid onverlet.

Samenloop met sociale zekerheidstelsels

Uitkeringsgerechtigden uit hoofde van een regeling inzake sociale zekerheid, arbeidsongevallenvergoeding of beroepsziekteverzekering blijven, ook met betrekking tot schadeloosstelling voor schade die door deze onderafdeling wordt gedekt, onderworpen aan de wettelijke bepalingen betreffende bedoelde regeling.

In zoverre de schade niet wordt vergoed uit hoofde van een regeling bedoeld in het eerste lid, hebben die uitkeringsgerechtigden het recht, op grond van deze onderafdeling, schadevergoeding te vorderen, mits zij tegen de aansprakelijke persoon een vordering naar gemeen recht kunnen instellen.

De personen of instellingen die, op grond van de in het eerste lid genoemde regelingen, uitkeringen hebben gedaan aan hen die schade hebben geleden welke door deze onderafdeling wordt gedekt, of aan hun rechtverkrijgenden, kunnen overeenkomstig deze onderafdeling tegen de producent het regresrecht uitoefenen dat hun door die regelingen wordt toegekend.

Kernenergie

Deze onderafdeling is niet van toepassing op de vergoeding van schade gedekt door de wet van 22 juli 1985 betreffende de wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van de kernenergie, alsmede door de ter uitvoering van die wet genomen besluiten.”.

Lees hier het ‘Voorontwerp van wet houdende invoeging van de bepalingen betreffende buitencontractuele aansprakelijkheid in het nieuw Burgerlijk Wetboek’