>>Wraakporno voortaan strafbaar! (Wanted Law)

Wraakporno voortaan strafbaar! (Wanted Law)

Auteur: Wanted Law

Publicatiedatum: 13/06/2020

Wraakporno wordt strafbaar

Sexueel getinte foto’s verspreiden van uw ex op social media? Geen goed idee. Wraakporno wordt vanaf 1 juli strafbaar. Met de Wet van 4 mei 2020 ter bestrijding van de niet-consensuele verspreiding van seksueel getinte beelden en opnames wil de Wetgever het toenemende fenomeen van “wraakporno” een halt toeroepen. Voortaan riskeert u tot 5 jaar cel. Pleegt u de feiten ten nadele van minderjarigen, dan zijn de straffen nog zwaarder. De Rechter kan ook de beelden laten verwijderen op verzoek van het slachtoffer of diens advocaat.

Wanted Law overloopt met u de nieuwe Wet.

Wanneer bent u strafbaar voor wraakporno?

Het nieuwe artikel 371/1 van het Strafwetboek maakt het strafbaar om beeld- of geluidopnames ter beschikking te stellen of te verspreiden voor zover het gaat om opnames van een ontblote persoon of van een persoon die een expliciete seksuele handeling stelt. Uiteraard moet de verspreiding of terbeschikkingstelling gebeuren zonder dat het slachtoffer toestemming heeft gegeven. Of die persoon heeft ingestemd met het maken ervan speelt geen rol.

Of u de beelden verspreidt uit wraak of niet, speelt op zich ook geen rol. De straf voor dit basismisdrijf bedraagt 6 maand tot 5 jaar cel. Maar post u de sexueel getinte beelden uit winstbejag of met “kwaadwillig opzet”, zal de bestraffing zwaarder zijn. Was u aldus op wraak belust, dan bedraagt de straf 1 tot 5 jaar gevangenisstraf én een geldboete van 200 tot 10.000 euro.

Mogelijkheid tot het verwijderen van de opnamen.

Het slachtoffer of diens rechtsopvolgers kunnen aan de Rechtbank in kortgeding vragen dat de opname onmiddellijk wordt verwijderd of ontoegankelijk gemaakt. De Voorzitter van de Rechtbank van Eerste Aanleg kan de dader het bevel opleggen om de opname te verwijderen binnen de 6 uur na betekening van de beschikking.

Ook de tussenpersoon die optreedt als dienstverlener kan voortaan gedwongen worden de beelden te verwijderen. Hiertoe breidt de Wetgever de bevoegdheden van de Voorzitter van de Rechtbank van Eerste Aanleg uit (artikel 584 van het Gerechtelijk Wetboek). Geeft u geen gevolg aan de bevelen van de Voorzitter, dan riskeert u een geldboete van 200 tot 15.000 euro (artikel 371/3 Strafwetboek).

Elk verwijderingsverzoek is bovendien van rechtswege hoogdringend (“strict noodzakelijk”) om elke discussie over de bevoegdheid van de kortgedingrechter uit te sluiten. Ook wordt bij elk verzoek tot verwijdering vermoed dat de verspreiding van de opname “niet-consensueel”, dus zonder toestemming was. Het tegenbewijs van de toestemming is wel nog mogelijk.

Lees hier het originele artikel

2020-06-20T14:18:12+00:00 20 juni 2020|Categories: Straf- en strafprocesrecht|Tags: , |