>>>Let goed op de gele aanplakbiljetten, want voor u het weet, is het te laat! (Monard Law)

Let goed op de gele aanplakbiljetten, want voor u het weet, is het te laat! (Monard Law)

Auteur: Sarah Jacobs (Monard Law)

Publicatiedatum: 28/02/2018

U zal het waarschijnlijk al gehoord hebben op het nieuws. De Codextrein 2017 heeft een zeer controversiële wijziging op de rails gezet m.b.t. het beroepsrecht tegen vergunningsbeslissingen. Wie tijdens het openbaar onderzoek-dat wordt bekend gemaakt via de gele aanplakbiljetten- geen bezwaar heeft ingediend, verzaakt aan zijn administratieve beroepsmogelijkheid. Deze nieuwe regeling geldt vooreen aanvraag voor een omgevingsvergunning voor zowel stedenbouwkundige handelingen (de vroegere stedenbouwkundige vergunning),voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit (de vroegere milieuvergunning) als voor het verkavelen van gronden (de vroegere verkavelingsvergunning).

Wijziging van het Omgevingsvergunningsdecreet

Op 1 januari 2018 is de omgevingsvergunning definitief van start gegaan bij alle steden en gemeenten in Vlaanderen. Deze omgevingsvergunning verenigt en vervangt de stedenbouwkundige vergunning, de milieuvergunning en de verkavelingsvergunning. De procedureregels m.b.t. de omgevingsvergunning zijn opgenomen in het Decreet van 25 april 2014 betreffende de Omgevingsvergunning, ook wel het Omgevingsvergunningsdecreet genoemd.

Het Decreet van 8 december 2017 houdende wijziging van diverse bepalingen inzake ruimtelijke ordening, milieu en omgeving heeft met de zogenaamde Codextrein reeds een heel aantal wijzigingen aangebracht in het Omgevingsvergunningsdecreet. Eén van deze wijzigingen is de beperking van de toegang tot het beroep tegen vergunningsbeslissingen.

Hoe was het vroeger?

De vergunningverlenende overheid, die een vergunningsaanvraag ontvangt, moet over deze vergunningsaanvraag een openbaar onderzoek organiseren. Gedurende het openbaar onderzoek wordt aan de hand van een gele aanplakkingsaffiche bekendgemaakt dat er een aanvraag werd ingediend en kan eenieder binnen een periode van 30 dagen het dossier gaan inkijken bij de gemeente en desgevallend een bezwaar m.b.t. de aanvraag indienen.

Tegen vergunningsbeslissingen genomen in eerste aanleg, kan onder meer door de vergunningsaanvrager (bv. bij een weigering van vergunning) of door derde-belanghebbenden (bv. bij de aflevering van een vergunning voor een groot bouwproject) administratief beroep worden ingediend bij de toezichthoudende, hiërarchische overheid. Bijvoorbeeld:

  • tegen een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen in eerste aanleg verleend door het College van Burgemeester en Schepenen, kan administratief beroep worden ingediend bij de Deputatie van de Provincieraad.
  • tegen een omgevingsvergunning voor de exploitatie van een klasse 1-inrichting in eerste aanleg verleend door de Deputatie van de Provincieraad, kan administratief beroep worden ingediend bij de Vlaamse Minister bevoegd voor Leefmilieu.

Dit administratief beroep werkt automatisch schorsend, wat inhoudt dat hangende dit administratief beroep de bouwwerken of de exploitatie van de inrichting niet mag worden opgestart.

Om een geldig administratief beroep in te dienen, was niet vereist dat er voorafgaand tijdens het openbaar onderzoek een bezwaar werd ingediend.

Wat is er veranderd?

Thans staat het eenieder nog steeds vrij om een administratief beroep aan te tekenen.

De Decreetgever heeft evenwel voorzien in een bijkomende filter: alleen diegene die tijdens het openbaar onderzoek een bezwaar heeft ingediend, mag tegen een vergunningsbeslissing genomen in eerste administratieve aanleg een administratief beroep aantekenen bij de hiërarchische overheid. Diegene die geen bezwaar heeft ingediend tijdens het openbaar onderzoek, wordt dus uitgesloten van deze administratieve beroepsmogelijkheid.

Met deze wijziging had de Decreetgever onder meer de volgende doelstellingen voor ogen:

  • Een doelmatige besluitvorming aangezien bezwaren in een zo vroeg mogelijk stadium van de procedure naar voren worden gebracht.
  • Een snellere rechtszekerheid voor de vergunninghouders.
  • Een uniformering van de procedurele trechter die reeds voorzien was bij procedures bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen: om een ontvankelijk jurisdictioneel beroep in te stellen bij de Raad was reeds vereist dat het administratief beroep werd uitgeput.

Deze regeling is van toepassing voor aanvragen voor een omgevingsvergunning die werden ingediend sedert 30 december 2017.

Enkele uitzonderingen

Op de voorwaarde dat een bezwaar moet zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek, maakte de Decreetgever drie uitzonderingen:

  • Als de aanvraag gewijzigd is na het openbaar onderzoek, is het denkbaar dat een omwonende de vergunning onaanvaardbaar vindt, terwijl hij initieel geen problemen had met de ingediende aanvraag.
  • Ook is het niet totaal ondenkbaar dat opgelegde stedenbouwkundige voorwaarden of bijzondere milieuvoorwaarden een dergelijke impact hebben, dat een omwonende beroep wil instellen, ook al had hij geen bezwaar tegen de aanvraag zoals ze in openbaar onderzoek lag.
  • Daarnaast kan het voorkomen dat een omwonende in de onmogelijkheid was om tijdens het openbaar onderzoek zijn standpunt kenbaar te maken. In de parlementaire voorbereiding wordt onder meer verwezen naar de volgende situaties: de omwonende was een maand op vakantie in het buitenland, de omwonende lag in het ziekenhuis, een wijziging in de eigendomsstructuur, etc.

Een controversiële wijziging

Deze wijziging heeft vanaf het begin voor heel veel controverse gezorgd. Bepaalde Milieuorganisaties hebben meteen aangekondigd dat zij deze wijziging bij het Grondwettelijk Hof zullen aanvechten.

Uit de website van het Grondwettelijk Hof, waar alle hangende zaken kunnen worden geraadpleegd, blijkt niet dat het aangekondigde vernietigingsberoep reeds werd ingesteld. Maar de Milieuorganisaties hebben hiervoor nog even de tijd. Ten laatste op 20 juni 2018 (6 maanden na de publicatie van het Wijzigingsdecreet in het Belgisch Staatsblad) moet het vernietigingsberoep worden ingesteld bij het Grondwettelijk Hof.

Vooralsnog moet u de gele aanplakkingsborden dus goed in het oog houden, want voor u het weet is het te laat!

Lees hier het originele artikel

2019-03-31T09:50:46+00:00 7 maart 2018|Categories: Milieu- en stedenbouwrecht - Publiek recht|Tags: , , |