>>>De rol van de burgemeester bij de handhaving van bouw- en milieuovertredingen (Adhemar Advocaten)

De rol van de burgemeester bij de handhaving van bouw- en milieuovertredingen (Adhemar Advocaten)

Auteurs: Joris de Pauw en Elke Paenhuysen (Adhemar Advocaten)

Publicatiedatum: 11/07/2019

Steeds meer bouw- en milieuovertredingen worden vandaag effectief bestraft. De regelgeving inzake milieu en ruimtelijke ordening zet meer dan voorheen in op efficiënte bestuurlijke handhaving (en meer in het bijzonder op de bestuurlijke boete). De strafrechtelijke vervolging blijft nog wel bestaan, maar wordt veel minder gebruikt wanneer het gaat om kleinere overtredingen.

Bij de bestuurlijke handhaving kan ook de burgemeester een belangrijke rol spelen.

Deze Adhemar.Law nieuwsbrief zal stilstaan bij het toenemende succes van de bestuurlijke boete (zowel op vlak van milieu als ruimtelijke ordening) en de mogelijke sleutelrol van de burgemeester bij bestuurlijke handhaving in het algemeen.

A. Bestuurlijke handhaving in het milieurecht

Reeds in 2009 werd in het Decreet houdende Algemene Bepalingen inzake Milieubeleid (afgekort als “DABM”) een titel “Bestuurlijke handhaving” toegevoegd om zo milieuovertredingen sneller en efficiënter te bestraffen en om de werklast van de parketten te verlichten. Zo werd het bijvoorbeeld voor de gewestelijke beboetingsentiteit van het Departement Omgeving mogelijk om bestuurlijke boetes op te leggen voor milieu-inbreuken en bepaalde milieumisdrijven.

Vandaag blijkt dat deze bestuurlijke aanpak positieve effecten heeft en succesvol kan zijn. Volgens de gegevens van het Departement Omgeving blijkt dat maar liefst 48 % van de processen-verbaal vanuit het parket (strafrechtelijk luik) worden overgemaakt aan de gewestelijke beboetingsentiteit met het oog op bestuurlijke beboeting.

Naast de bestuurlijke boete worden ook nog andere bestuurlijke sancties voorzien in het DABM. Zo bestaat de mogelijkheid voor de burgemeester om voor bepaalde milieumisdrijven (vb. een klasse 2-inrichting wordt geëxploiteerd in strijd met de milieuvoorwaarden) bestuurlijke maatregelen op te leggen.  Deze bestuurlijke maatregelen kunnen bijvoorbeeld inhouden dat er een bevel wordt gegeven om bepaalde schadelijke activiteiten of handelingen stop te zetten of om inrichtingen te sluiten.

B. Bestuurlijke handhaving in de ruimtelijke ordening

Met de invoering van het Omgevingsvergunningsdecreet is bestuurlijke handhaving ook doorgedrongen tot het gebied van de ruimtelijke ordening.  Bij stedenbouwkundige inbreuken en stedenbouwkundige misdrijven is het voortaan ook mogelijk om een bestuurlijke geldboete op te leggen. Bij stedenbouwkundige misdrijven is dit echter enkel mogelijk wanneer het parket heeft besloten om de zaak niet strafrechtelijk te  vervolgen.

De bestuurlijke boete is echter niet de enige vorm van bestuurlijke handhaving die werd voorzien in de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening. Er zijn nog diverse andere maatregelen mogelijk, waarbij de burgemeester vaak een leidende rol kan spelen.

Hieronder volgt een kort overzicht:

  • De bestuursdwang: de burgemeester zal in dit geval onmiddellijk uitvoerbare bestuurlijke maatregelen kunnen opleggen aan de overtreder. Deze bestuurlijke maatregelen kunnen de vorm aannemen van (in volgorde van belangrijkheid) het betalen van een meerwaarde, het uitvoeren van bouw- of aanpassingswerken of het herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand.  De burgemeester kan dan ook bijvoorbeeld bevelen om een onvergund vakantiehuis te slopen.

  • De last onder dwangsom: hier heeft de burgemeester de mogelijkheid om een dwangsom te koppelen aan het de bestuurlijke maatregelen (zoals hierboven opgesomd). Wanneer de overtreder deze niet uitvoert, dient hij onmiddellijk een dwangsom te betalen.

  • De minnelijke schikking: de burgemeester beschikt ten slotte over de mogelijkheid om namens de gemeente een minnelijke schikking te sluiten met de overtreder. Wanneer deze laatste nalaat om de afspraken uit de minnelijke schikking na te leven, kunnen er alsnog bestuurlijke maatregelen worden opgelegd (eventueel ook met een dwangsom). 

C. Besluit

Bestuurlijke handhaving zit in de lift. Steeds meer zaken worden afgehandeld op bestuurlijk niveau en hoeven niet meer door de strafrechtbank te worden beslecht. Zowel de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening als in het DABM zetten hier meer op in. Dit komt een efficiënte bestraffing van milieu- en stedenbouwkundige inbreuken alleen maar ten goede.

Bij deze bestuurlijke handhaving kan ook de burgemeester een belangrijke rol spelen, aangezien hij kan beslissen om bestuurlijke maatregelen op de leggen die soms een verregaande impact kunnen hebben voor de overtreder (vb. de sluiting van een inrichting of het opleggen van een dwangsom). Steden en gemeenten kunnen zeker de afweging maken hoe zij dit instrumentarium kunnen gebruiken in hun lokaal handhavingsbeleid.

In deze nieuwsbrief werd enkel gefocust op de mogelijke rol van de burgemeester, uiteraard zijn er nog heel wat andere actoren met ieder een mogelijk handhavingsinstrumentarium.

Lees hier het originele artikel