>>>Archeologieregelgeving gewijzigd (Stibbe)

Archeologieregelgeving gewijzigd (Stibbe)

Auteur: Yves Sternotte (Stibbe)

Publicatiedatum: 17/04/2019

Vanaf 1 april 2019 zijn verschillende bepalingen van de archeologieregelgeving gewijzigd. Vooral de versoepeling van de regels over de archeologienota en een premiestelsel springen daarbij in het oog.

Met een decreet van 13 juli 2018 en een besluit van 14 december 2018 heeft de Vlaamse regelgever een aantal verfijningen aan de onroerenderfgoedregelgeving aangebracht. Deze wijzigingen zijn in een eerder bericht van ons al onder de loep genomen.

Op 1 april 2019 traden een aantal wijzigingen over de archeologieregelgeving in werking. Hierna een praktisch overzicht.

Wat wijzigt er?

De meest in het oog springende wijziging is  de invoering van een meldingsplicht van de archeologienota:

  • vóór 1 april 2019 kon een archeologienota maar aan een vergunningsaanvraag worden toegevoegd als er eerst een bekrachtiging plaatsvond. Het agentschap onroerend erfgoed of de onroerenderfgoedgemeente beschikte over 21 dagen om deze nota te bekrachtigen;
  • vanaf 1 april 2019 volstaat het om de opgemaakte archeologienota te melden. Het agentschap onroerend erfgoed of de onroerenderfgoedgemeente gaat vervolgens binnen 15 dagen na de melding na of de nota is opgesteld volgens de code van goede praktijk. Is dat het geval, dan wordt er akte van de nota genomen (desgevallend onder voorwaarden).

! Let op ! : het bekomen van een aktename is nog steeds vereist, opdat het vergunningverlenend bestuur een beslissing over een omgevingsvergunningsaanvraag kan nemen; zonder archeologienota waarvan akte is genomen vóór het verstrijken van de beslissingstermijn moet de vergunningsaanvraag worden geweigerd.

Wat dan met de reeds bekomen bekrachtigde archeologienota’s? Die kan u hergebruiken, op voorwaarde dat de nota betrekking heeft op dezelfde percelen als de nieuwe vergunningsaanvraag en dat er geen bijkomende ingreep in de bodem plaatsvindt.

Verder wijzigt vanaf 1 april 2019 ook het volgende:

  • de melding van vooronderzoek in de bodem wordt een toelating. Het agentschap onroerend erfgoed of de onroerenderfgoedgemeente beslist binnen 15 kalenderdagen vanaf de aanvraag. Zodra de toelating is verkregen, kan de archeoloog starten met het onderzoek;
  • er gelden twee types van erkenning voor archeologen: type 1, die alle vormen van archeologisch onderzoek kan uitvoeren, en type 2, die enkel vooronderzoek zonder ingreep in de bodem kan uitvoeren en daar archeologienota’s over kan melden. Bestaande erkende archeologen worden automatisch een archeoloog van het type 1;
  • de premies voor buitensporige opgravingskosten voor occasionele bouwheren bedraagt voortaan 80% van de forfaitair bepaalde kosten in plaats van 40%. Er komt daarnaast ook een premie voor vooronderzoek met ingreep in de bodem voor occasionele bouwheren. Het vooronderzoek zonder ingreep in de bodem blijft voor rekening van de initiatiefnemer.
Het archeologieportaal als centraal loket

De aanvragen van toelatingen voor vooronderzoek, het melden van archeologienota’s, het indienen van archeologierapporten en eindverslagen lopen voortaan enkel via een elektronisch loket, het archeologieportaal. De Vlaamse regelgever zet hiermee een verdere stap richting volledige digitalisering van de administratieve procedures.

Lees hier het originele artikel

2019-04-28T10:23:04+00:00 28 april 2019|Categories: Milieu- en stedenbouwrecht - Publiek recht|Tags: , |