>>>Aanleg directe lijnen voor elektriciteit en leidingen voor aardgas zal versoepelen (LegalNews.be)

Aanleg directe lijnen voor elektriciteit en leidingen voor aardgas zal versoepelen (LegalNews.be)

Auteur: LegalNews.be

Publicatiedatum: 06/04/2018

Respectievelijk artikel 34 en artikel 38 van de richtlijnen 2009/72/EG (elektriciteit) en 2009/73/EG (aardgas) stellen met betrekking tot directe lijnen en directe leidingen dat de lidstaten maatregelen nemen om het mogelijk te maken dat:

  • alle op hun grondgebied gevestigde elektriciteitsproducenten/aardgasbedrijven, en bedrijven die elektriciteit leveren, hun eigen vestigingen, dochterondernemingen en in aanmerking komende afnemers via een directe lijn of leiding kunnen leveren, en
  • alle in aanmerking komende afnemers die op hun grondgebied gevestigd zijn, via een directe lijn kunnen worden bevoorraad door een producent en door een bedrijf dat elektriciteit/aardgas levert.

Op 30 maart 2018 heeft de Vlaamse Regering in eerste lezing het Energiedecreet principieel gewijzigd wat betreft directe lijnen en directe leidingen: de bedoeling is namelijk de criteria voor de aanleg van directe lijnen voor elektriciteit en leidingen voor aardgas te versoepelen.

Momenteel is in titel IV, hoofdstuk V van het Energiedecreet van 8 mei 2009 een regeling opgenomen aangaande de aanleg en het beheer van directe lijnen en directe leidingen.

De aanleg van dergelijke directe lijnen of leidingen op de eigen site om elektriciteit of aardgas te leveren, is toegelaten. De aanleg van een directe lijn of leiding die de grenzen van de eigen site overschrijdt, is enkel toegestaan na een voorafgaande toelating, verleend door de VREG, die hiertoe advies van de betrokken netbeheerder inwint.
In een mededeling (MEDE-2017-1) somt de VREG de regels op die relevant zijn bij de aanleg en exploitatie van directe lijnen, en geeft de regulator meer uitleg bij de praktische betekenis ervan.

Uit de praktijk blijkt echter dat de voormelde criteria door de VREG heel stringent worden toegepast en de meeste aanvragen – vaak om een windturbine met één enkele afnemer te verbinden – worden geweigerd. Het valt dan ook te verwachten dat door de versoepeling van de criteria waaronder het toegelaten is om een directe lijn aan te leggen, er een toename zal komen van het aantal toegelaten directe lijnen. Ten einde de lasten van dergelijke lijnen beheersbaar te maken wordt dan ook voorgesteld om een heffing in te stellen op de exploitatie van een dergelijke lijn zodat ook zij een maatschappelijk aanvaardbare bijdrage geven ter dekking van de kosten van het gewestelijke energiebeleid.

Er werd aan de SERV en van de Minaraad gevraagd advies te geven binnen een termijn van 30 dagen.

Vooropgestelde datum van inwerkingtreding is 1 januari 2019.

De nota vindt u hier

2018-04-19T17:24:52+00:00 6 april 2018|Categories: Energierecht - Publiek recht|