>>>Bescherming consument bij aankoop van een ziek hondje. Cassatie-arrest 18 juni 2020 (LegalNews.be)

Bescherming consument bij aankoop van een ziek hondje. Cassatie-arrest 18 juni 2020 (LegalNews.be)

Auteur: LegalNews.be

Publicatiedatum: 26/06/2020

Waarover gaat het?

Een consument koopt op 24 augustus 2017 een pup van het ras ‘Shiba’ bij een professioneel, maar het diertje vertoonde kort daarop ziekteverschijnselen, waarbij het vaststaat dat er een gebrekkig dier werd verkocht. De consument-koper heeft op 26 en 29 augustus 2017 een dierenarts geconsulteerd. De gezondheidstoestand verslechterde en de consument-koper liet de pup op 2 september 2017 opnemen in een dierenkliniek, waarbij de verzorgingskosten €1.685,34 beliepen. De consument-koper stelde de verkoper op 8 september 2017 in gebreke wegens koopvernietigende gebreken en maakte in een later schrijven tevens aanspraak maakte op schadevergoeding ten belope van €1.893,20.

De eerste rechter verklaarde de vordering tot schadevergoeding van de consument-koper gegrond, de appelrechter wees het hoger beroep van de verkoper af omdat te dezen er sprake is van “een levend consumptiegoed” en aan de consument-koper niet kan worden verweten met het zieke dier een dierenarts en een dierenkliniek te hebben opgezocht.

Het standpunt van het Hof van Cassatie

Krachtens artikel 1649quinquies, § 2, Burgerlijk Wetboek heeft de consument in eerste instantie het recht om van de verkoper het kosteloze herstel of de kosteloze vervanging van het goed te verlangen behalve wanneer zulks onmogelijk of buiten verhouding zou zijn. Subsidiair is de consument krachtens artikel 1649quinquies, § 3, Burgerlijk Wetboek gerechtigd om van de verkoper een passende prijsvermindering of de ontbinding van de koopovereenkomst te eisen. De consument is hiertoe slechts gerechtigd indien hij geen aanspraak kan maken op herstelling of vervanging, of indien de verkoper niet binnen een redelijke termijn of zonder ernstige overlast voor de consument de herstelling of de vervanging heeft verricht. De voorrang van het kosteloze herstel of de kosteloze vervanging geldt niet enkel voor de consument, maar ook voor de verkoper aan wie aldus de mogelijkheid wordt geboden de gebrekkige levering te remediëren.

De appelrechter die de verkoper veroordeelt tot deze schadevergoeding zonder vast te stellen dat aan de verkoper de mogelijkheid werd geboden om zelf tot het kosteloos herstel of de kosteloze vervanging over te gaan, noch vast te stellen dat deze remedies niet meer mogelijk waren, onderling abusief zijn of dat de verkoper deze niet binnen een redelijke termijn of zonder ernstige overlast voor de consument-koper heeft verricht, verantwoordt zijn beslissing niet naar recht. De omstandigheid dat dieren geen zaken zijn, maar wezens met gevoelens en tussen de consument-koper en het hondje mogelijk een emotionele band is ontstaan, leidt niet tot een ander oordeel.

Lees hier het Cassatie-arrest van 18 juni 2020

2020-06-26T15:32:54+00:00 26 juni 2020|Categories: Handelsrecht|Tags: , |