>, Insolventierecht>Beschikkingsonbevoegdheid van de gefailleerde gerelativeerd. Kan een gefailleerde zelf een rechtsmiddel aanwenden? (Van Steenbrugge Advocaten)

Beschikkingsonbevoegdheid van de gefailleerde gerelativeerd. Kan een gefailleerde zelf een rechtsmiddel aanwenden? (Van Steenbrugge Advocaten)

Auteur: Cedric Haspeslagh (Van Steenbrugge Advocaten)

Publicatiedatum: 05/02/2021

Wanneer een onderneming failliet wordt verklaard, dan verliest zij de bevoegdheid om haar vermogen te beheren en daarover te beschikken. Er wordt een curator aangesteld, die als enige bevoegd is om dat vermogen ten gelde te maken en de schuldeisers te betalen. Dat heeft onder meer gevolgen voor de manier van procesvoering door een schuldeiser en een gefailleerde onderneming.

Positie schuldeiser

Een onderneming die een schuldvordering heeft op een gefailleerde schuldenaar, moet haar schuldvordering tijdig aangeven in het faillissement. De curator zal deze schuldvordering ofwel aanvaarden – en betalen als er voldoende geld aanwezig is – ofwel betwisten. Het dagvaarden van de gefailleerde zelf is in principe niet nodig om betaling te ontvangen. Alles verloopt via de curator.

In bepaalde gevallen kan het toch nodig zijn om een gefailleerde natuurlijke persoon (een zelfstandig ondernemer of eenmanszaak) zelf te dagvaarden om betaling te verkrijgen. Bijvoorbeeld omdat een schuldeiser vergeten is om tijdig zijn schuldvordering aan te geven in het faillissement. De daarop volgende uitspraak zal evenwel niet gebruikt kunnen worden tegen de curator. Tegen de gefailleerde zelf kan de uitspraak wel gebruikt worden indien twee voorwaarden vervuld zijn. Ten eerste mag de gefailleerde geen kwijtschelding verkrijgen van zijn schulden. Ten tweede moet hij een vermogen hebben dat buiten het faillissement valt, waarmee hij zijn schulden kan betalen. De eerste voorwaarde vereist een tijdig en gemotiveerd verzet tegen de kwijtschelding (artikel XX.173, §3 van het Wetboek van Economisch Recht) De tweede voorwaarde zal relatief snel vervuld zijn voor faillissementen die geopend werden vanaf 1 mei 2018. De nieuwe inkomsten van de gefailleerde vallen namelijk buiten het faillissement (artikel XX.110, §3, tweede lid van het Wetboek van Economisch Recht).

Positie gefailleerde

Een gefailleerde onderneming kan door het faillissement niet meer vrij kiezen om procedures te voeren. Deze beslissing berust in principe bij de curator. Er bestaan evenwel uitzonderingen. Zo kan de gefailleerde natuurlijke persoon zelf een procedure opstarten die betrekking heeft op zijn nieuwe ondernemingsactiviteit.

Het Hof van Cassatie heeft in een arrest van 11 oktober 2018 (AR F.15.0055.F) een bijkomende uitzondering bevestigd. Wanneer een schuldeiser een procedure opstart of voortzet tegen een gefailleerde schuldenaar, in plaats van tegen de curator, dan heeft de gefailleerde het recht om een rechtsmiddel (zoals hoger beroep) aan te wenden tegen een voor hem nadelige uitspraak. Hij heeft daarvoor geen toestemming nodig van de curator.

Deze cassatierechtspraak waarborgt het recht op toegang tot de rechter. Het arrest werd door mr. Cedric Haspeslagh besproken in het Rechtskundig Weekblad (RW 2020-21, afl. 18, 702-705).

2021-02-09T16:02:36+00:00 11 februari 2021|Categories: Gerechtelijk recht - Insolventierecht|Tags: , , |