>>>Kunnen ook bestuurders van een V.Z.W. binnenkort failliet verklaard worden? (Pauwels Advocaten)

Kunnen ook bestuurders van een V.Z.W. binnenkort failliet verklaard worden? (Pauwels Advocaten)

Auteur: Pieter Pauwels (Pauwels Advocaten)

Publicatiedatum: 28/10/2017

Vanaf 1 mei 2018 zal het nieuwe insolventierecht in werking treden. Minister van Justitie Koen Geens hervormde o.m.  de Faillissementswet van 7 augustus 1997 en de Wet betreffende de continuïteit van de ondernemingen van 31 januari 2009.

Dan treedt immers de Wet van 11 augustus 2017 houdende invoeging van het Boek XX “insolventie van ondernemingen”, in het Wetboek van economisch recht, en houdende invoeging van de definities eigen aan boek XX en van de rechtshandhavingsbepalingen eigen aan Boek XX in het Boek I van het Wetboek van economisch recht in werking.

Bij Koninklijk besluit kan de inwerkingtreding nog worden vervroegd. Met deze nieuwe wetgeving wordt het faillissementsrecht na 20 jaar gemoderniseerd.

Wie kan er allemaal failliet verklaard worden?

Veruit de meest revolutionaire wijziging in de faillissementswetgeving is de verregaande verruiming van het toepassingsgebied van het faillissement. Voortaan zal elke “onderneming” failliet kunnen worden verklaard.

De “onderneming” wordt een nieuw begrip dat de begrippen “handelaar”, “koopman”, “handelsvennootschap” en andere verwante begrippen moet vervangen.

Vanaf 1 mei 2018 zal elke “onderneming” failliet verklaard kunnen worden. De “onderneming wordt opgesplitst in drie groepen:

  • Iedere natuurlijke persoon die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefent (art. XX.1. § 1, eerste lid (a));
  • Iedere rechtspersoon (art. XX.1. § 1, eerste lid (b));
  • Iedere (andere) organisatie zonder rechtspersoonlijkheid (art. XX.1. § 1, eerste lid (c)).
Iedere natuurlijke persoon die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefent.

Alle natuurlijke personen die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefenen, zullen onder de nieuwe wet failliet verklaard kunnen worden.

Het begrip “zelfstandig” staat tegenover “in dienstverband”. Onder “beroepsactiviteit” wordt dan weer een bepaalde duurzaamheid verstaan. Wat een duurzame activiteit is en wat niet, wordt overgelaten aan de rechtspraak, die dit begrip verder zal verfijnen.

Enige uitzondering is de “activiteit die louter kadert in het normale beheer van het persoonlijk vermogen van een natuurlijke persoon”. Te denken valt aan het louter aanhouden van aandelen, effecten of deelbewijzen.

Ook dokters en andere vrije beroepers?

Ook de aard van de beroepsactiviteit speelt geen enkele rol om al dan niet onder het toepassingsgebied van de nieuwe insolventiewetgeving te vallen. Zo zullen dokters, bedrijfsrevisoren, architecten,  advocaten, en andere vrije beroepers allemaal failliet verklaard kunnen worden.

Art. 65 van de nieuwe Wet vult art. I.1. van het Wetboek Economisch Recht aan met de definitie van de “beoefenaar van een vrij beroep”:

elke onderneming wiers activiteit er hoofdzakelijk in bestaat om, op onafhankelijke wijze en onder eigen verantwoordelijkheid, intellectuele prestaties te verrichten waarvoor een voorafgaande opleiding en een permanente vorming is vereist en die onderworpen is aan een plichtenleer waarvan de naleving door of krachtens een door de wet aangeduide tuchtrechtelijke instelling kan worden afgedwongen”.

Natuurlijke personen die bestuurders zijn van vennootschappen en V.Z.W.’s?

Als u zelfstandig bestuurder bent van een vereniging zonder winstoogmerk of van een vennootschap, en u deze taak beroepsmatig uitoefent, dan valt u principieel onder de toepassing van de nieuwe insolventiewetgeving, en kan u bijgevolg failliet verklaard worden of kan u het voorwerp zijn van een procedure van gerechtelijke reorganisatie.

Of u bezoldigd bent of niet, speelt in principe zelfs geen rol, net zo min als de aard van uw activiteit.

Zowel de voorbereidende werken als de Raad van State in zijn advies bevestigen dat ook de natuurlijke persoon die bestuurder is van een vennootschap onderworpen is aan Boek XX van het Wetboek Economisch Recht, zonder zich uit te spreken over het bezoldigd karakter van de activiteit.

Het zal bijgevolg aan de rechtspraak zijn om het toepassingsgebied verder te definiëren. Hierbij lijkt ons de stelling verdedigbaar dat een activiteit enkel als beroepsmatig kan worden beschouwd, voor zover deze activiteit bezoldigd is. Immers, een beroepsactiviteit veronderstelt ons inziens de bedoeling om een inkomen te verwerven (bezoldiging).

Lees hier het originele artikel

2017-10-30T09:44:12+00:00 30 octobre, 2017|Categories: Droit des affaires - Faillite et LCE|Tags: , , |