>>>Wijziging van huwelijkscontract gevolgd door een kanscontract: geen fiscaal misbruik! (Deloitte Legal)

Wijziging van huwelijkscontract gevolgd door een kanscontract: geen fiscaal misbruik! (Deloitte Legal)

Auteur: Deloitte Legal

Publicatiedatum: 6/08/2020

Het Greenille Private Client Team verkreeg onlangs een gunstige voorafgaande beslissing van de Vlaamse Belastingdienst (Vlabel). Het betrof een kinderloos echtpaar dat de overstap maakte van het wettelijk stelsel naar een stelsel van zuivere scheiding van goederen. De echtgenoten wensten nadien een kanscontract te sluiten met betrekking tot de roerende goederen, die exclusief aan hun eigen vermogens werden toebedeeld, en een beding van aanwas met betrekking tot hun onverdeelde gezinswoning.

In hun voorafgaande beslissing (nr. 20025) oordeelt de Vlabel dat het geheel van deze verrichtingen geen fiscaal misbruik uitmaakt in de zin van art. 3.17.0.0.2. VCF “aangezien er ook niet fiscale motieven (…) aan de contracten ten grondslag liggen die voldoende opwegen tegen de fiscale motieven (…). Partijen hebben met de voorgenomen verrichting ook voorzien in een coherent en consequent geheel, zowel voor de roerende goederen als voor het onroerend goed.”

Een wijziging van huwelijkscontract gevolgd door een kanscontract houdt in voorliggend geval dus geen fiscaal misbruik in. Dat is anders dan hetgeen de Vlabel in het verleden besliste (zie voorafgaande beslissing nr. 19047). Ook de uitbreng van gemeenschappelijke roerende goederen naar het eigen vermogen van de echtgenoten om ze erna te betrekken in een kanscontract werd reeds als fiscaal misbruik afgedaan (zie o.m. voorafgaande beslissingen nrs. 19058 en 19061). Op grond van die beslissingen ontstond de perceptie dat een wijziging van huwelijkscontract in combinatie met een horizontale planning tussen echtgenoten ipso facto fiscaal misbruik zou uitmaken. Dat is dus niet het geval.

Zoals steeds, gaat de discussie over de niet-fiscale motieven. In de genoemde eerdere rulings aanvaardde de Vlabel niet dat de niet-fiscale motieven opwogen tegen de fiscale. Nu dus wel. Het gaat over de volgende niet-fiscale motieven:

  • Een vergoeding voor de vermenging van eigen familievermogen met gemeenschappelijk vermogen;
  • Het vermogen beschermen tegen de beroepsrisico’s van de andere echtgenoot. Reden ook waarom de echtgenoten het roerend vermogen exclusief aan elkaars eigen vermogens toebedelen;
  • Voorzien in een ruimere bescherming van de langstlevende dan krachtens de wettelijke devolutie (aangezien zij kinderloos zijn zou de blote eigendom van de exclusieve eigen vermogens terugkeren naar de eigen familie), en dit op een zekere wijze (in tegenstelling tot schenking of testament) en in natura (in tegenstelling tot een verrekenbeding).

De voorafgaande beslissing nr. 20025 toont aan dat voldoende niet-fiscale motieven de Vlabel wel degelijk kunnen overtuigen om dergelijke transactie te aanvaarden. De alomvattendheid van de voorgenomen verrichting, waarbij het (grootste deel van het) roerende én onroerende vermogen consequent aan dezelfde regeling wordt onderworpen, blijkt wel essentieel voor de overtuigingskracht van die niet-fiscale argumenten en de daaruit volgende gunstige beoordeling door de Vlabel.

Lees hier het originele artikel

2020-08-07T10:43:31+00:00 11 augustus 2020|Categories: Registratie, schenk- en erfbelasting|Tags: , , , |