>>>Beding van aanwas afsluiten voor effectenportefeuilles op gezamenlijke naam echtgenoten en schenkbelasting. Voorafgaande Beslissing Vlabel 30 maart 2020 (LegalNews.be)

Beding van aanwas afsluiten voor effectenportefeuilles op gezamenlijke naam echtgenoten en schenkbelasting. Voorafgaande Beslissing Vlabel 30 maart 2020 (LegalNews.be)

Auteur: LegalNews.be

Publicatiedatum: 14/04/2020

Voorgenomen verrichting

Partijen wensen dat de effectenportefeuilles, met de eraan gekoppelde liquiditeiten, aan de langstlevende hunner toekomen; het betreft hier een doelvermogen met inbegrip van meerwaarden, vruchten en toebehoren en bij wederbelegging of zaakvervanging verkregen zaken.
Ingeval van beëindiging van de onverdeeldheid met betrekking tot de effectenportefeuilles, door het overlijden van één der partijen, zal het aandeel van de overledene in volle eigendom aangroeien bij dat van de langstlevende.

Deze aanwas is tussen partijen overeengekomen ten titel van kanscontract en dus onder bezwarende titel. Aldus staat elk der partijen zijn aandeel in de onverdeelde roerende goederen die zich op zijn overlijdensdag op gemelde effectenportefeuilles bevinden af aan de andere, onder de opschortende voorwaarde van zijn vooroverlijden. Als tegenprestatie voor deze afstand verkrijgt degene die afstaat een gelijke kans om het aandeel van de andere te verwerven indien hij het langst leeft.

Beslissing

Gelet op artikel 3.22.0.0.1 VCF komt het besluitvormingsorgaan tot de volgende voorafgaande beslissing:

Uit de gegevens vermeld in de aanvraag blijkt dat de inleg van de aanvragers gelijkwaardig is. De goederen die het voorwerp zijn van het beding van aanwas, m.n. de effectenportefeuilles behoren aan ieder van de echtgenoten voor de onverdeelde helft toe.

Op basis van de elementen en feiten vermeld in de aanvraag tot voorafgaande beslissing, kan worden besloten dat het in casu om een kanscontract ten bezwarende titel gaat.

De voorgenomen verrichting maakt in principe geen fiscaal misbruik uit in de zin van art. 3.17.0.0.2 VCF aangezien er ook niet-fiscale motieven aan de contracten ten grondslag liggen, tenzij uit de feiten blijkt dat de kansen uiteindelijk niet gelijkwaardig waren omdat één van de partijen kort na het sluiten van de contracten niet onverwacht is komen te overlijden.

Deze beslissing heeft alleen betrekking op registratie-en erfbelasting en doet geen uitspraak over andere belastingen. Overeenkomstig artikel 3.22.0.0.1, §2, eerste lid, 3° VCF spreekt deze beslissing zich niet uit over de mogelijke toepassing van niet door de aanvrager opgeworpen artikelen van de VCF.

Lees hier de op 6 april 2020 gepubliceerde beslissing

2020-04-13T08:31:42+00:00 14 april 2020|Categories: Registratie, schenk- en erfbelasting|Tags: , |