>>>Quick fixes inzake btw: kettingverkopen of driehoeksverkeer (aternio)

Quick fixes inzake btw: kettingverkopen of driehoeksverkeer (aternio)

Auteur: Sophie Claeys (aternio)

Publicatiedatum: 11/05/2020

Sinds 1 januari 2020 zijn de zogenaamde ‘quick fixes’ in werking getreden in België. Het gaat om een omzetting van de Europese richtlijnen (EU) 2019/475 en (EU) 2018/1910 die de regels aangaande grensoverschrijdende handelingen verder op punt zet.

De wet van 3 november 2019 vult het btw-wetboek in België aan met onder meer een regeling inzake ‘voorraad op afroep, ‘kettingverkopen’ en ‘vrijstellingen op intracommunautaire leveringen’.

In huidige bijdrage gaan we dieper in op de regeling inzake kettingverkopen.

Wat is een kettingverkoop (driekhoeksverkeer)? 

Tot voor kort gaven kettingverkopen vaak aanleiding tot discussies inzake btw, vooral inzake het vervoer. Dit heeft de wetgever willen aanpakken. Maar vooraleer we toelichten wat er allemaal gewijzigd is, willen we toch nog even het concept “kettingverkopen” opfrissen.

Kettingverkopen met drie partijen in verschillende EU-lidstaten, ook wel driehoeksverkeer genoemd, doen zich voor bij twee opeenvolgende leveringen van dezelfde goederen, maar waarbij de goederen rechtstreeks van de eerste verkoper naar de laatste koper worden vervoerd.

Slechts aan één levering kan de btw-vrijstelling voor intracommunautaire levering worden verleend. Dit is met name het geval bij de levering mét vervoer.

Bijvoorbeeld. A verkoopt goederen aan B en B verkoopt vervolgens die goederen door aan C. Het vervoer van de goederen gebeurt evenwel rechtstreeks van A naar C . Daarbij bevinden A, B en C zich in verschillende lidstaten van Europa en overschrijden de goederen de landsgrenzen. Er zijn dan twee leveringen (tussen relatie A-B en B-C), maar het vervoer kan men slechts aan één relatie toerekenen.

Uitsluitend de levering mét vervoer komt in aanmerking voor de btw-vrijstelling voor intracommunautaire leveringen. De andere leveringen in de keten ondergaan het gewoon btw-regime. Soms zal een btw-identificatie van de leverancier nodig zijn in de lidstaat van levering.

Wie staat in voor het vervoer?

In de praktijk stelde zich natuurlijk de vraag wie instaat in voor het vervoer. Het vervoer heeft immers ook belangrijke consequenties voor de plaatsbepaling.

Bijvoorbeeld, indien A instaat voor het vervoer, gaat het om een levering mét vervoer (in de relatie A-B). Die levering vindt in principe plaats waar het vervoer begint (art. 14, §2, eerste lid WBTW). Deze intracommunautaire levering zal vrijgesteld zijn.

De levering van B naar C is bijgevolg een belaste levering zónder vervoer. Een levering zonder vervoer vindt plaats waar de goederen ter beschikking gesteld worden aan de koper (art. 14, §1 WBTW). In dit geval dus in het land van C.

In praktijk bleek het echter niet steeds eenvoudig uit te maken aan welke levering (A-B of B-C) men het vervoer kan toeschrijven.

Nieuwe hoofdregel

In het kader van de harmonisatie en vereenvoudiging van de intracommunautaire handel is er daarom ook een ‘quick fix‘ ingevoerd inzake het vervoer bij kettingverkopen.

Vanaf 1 januari 2020 geldt als hoofdregel dat het vervoer plaatsvindt in de relatie waarin de levering gebeurt ‘aan’ diegene die het transport regelt of laat regelen. Wanneer het vervoer gebeurt door of voor rekening van tussenpersoon B, dan is het vervoer uitsluitend toegeschreven aan de levering ‘aan’ B (dus in de levering A-B).

Uitzonderingen

Op hoofdregels bestaan uiteraard ook altijd uitzonderingen.

Hier geldt als uitzondering dat het vervoer wordt toegeschreven aan de levering ‘door’ tussenpersoon B (dus B-C) wanneer B aan zijn leverancier zijn btw-nummer opgeeft van de lidstaat van waaruit de goederen worden verzonden (lidstaat A).

De quick fix is dus enkel van toepassing wanneer tussenpersoon B instaat voor het vervoer.

Wanneer echter het vervoer niet wordt verricht door of voor rekening van tussenpersoon B, dan is het vervoer toe te schrijven aan de levering (A-B) indien het vervoer wordt verricht door of voor rekening van A. En indien het vervoer wordt verricht door of voor rekening van C is het vervoer logischerwijze toe te schrijven aan de levering (B-C).

Lees hier het originele artikel

2020-05-24T10:43:12+00:00 24 mei 2020|Categories: BTW en douane|Tags: , |