>>>Echtscheiding : 4 wijzigingen door de nieuwe wet op het huwelijksvermogensrecht (LegalNews.be)

Echtscheiding : 4 wijzigingen door de nieuwe wet op het huwelijksvermogensrecht (LegalNews.be)

Auteur: LegalNews.be

Publicatiedatum: 03/08/2018

In de ‘Wet van 22 juli 2018 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek en diverse andere bepalingen wat het huwelijksvermogensrecht betreft en tot wijziging van de wet van 31 juli 2017 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de erfenissen en de giften betreft en tot wijziging van diverse bepalingen ter zake’ worden een aantal wijzigingen aangebracht die betrekking hebben op de situatie van echtscheiding.

LegalNews.be selecteert 4 wijzigingen.

1. Schenkingen vervallen niet langer automatisch

Daar waar tot op heden echtgenoten bij een echtscheiding automatisch alle voordelen verliezen die ze elkaar bij huwelijksovereenkomst en sinds het aangaan van het huwelijk hebben toegekend (tenzij anders overeengekomen), wordt nu het automatisch verval van voordelen voortaan beperkt wordt tot de overlevingsrechten. Schenkingen vervallen niet langer automatisch.

Wat zegt de Memorie van Toelichting?

Volgens de traditionele interpretatie, die teruggaat op een arrest van het Hof van Cassatie van 23 november 2001, worden bedoeld met “voordelen” in de zin van artikel 299 BW, enerzijds, alle schenkingen tussen echtgenoten, en anderzijds, de voordelen die tegelijk overlevingsrechten zijn. Onder “overlevingsrechten” moeten worden verstaan de rechten die onder voorwaarde van overleving tussen echtgenoten zijn overeengekomen, namelijk de contractuele erfstellingen, de begunstigingen bij levensverzekering en bepaalde huwelijksvoordelen (met name het beding van vooruitmaking, het beding van ongelijke verdeling en het verblijvingsbeding). Andere voordelen, zoals het verrekenbeding, vallen buiten het toepassingsgebied van deze bepaling en zullen dus ook in geval van echtscheiding uitwerking krijgen. Het verval van de overlevingsrechten is verantwoord. Dergelijke rechten beogen de bevoordeling van de langstlevende echtgenoot. Zij vinden hun grond in de solidariteit tussen echtgenoten. Men mag aannemen dat deze na de echtscheiding niet meer voorhanden is. Daarentegen is het verval van de reeds gedane schenkingen tussen echtgenoten disproportioneel. Schenkingen tussen echtgenoten gedaan buiten een huwelijksovereenkomst zijn steeds herroepelijk op grond van artikel 1096 BW, zelfs na een echtscheiding. De echtgenoot-schenker kan na de echtscheiding evenwel afstand doen van zijn recht tot herroeping. Bovendien is voor de herroeping wel een wilsuiting van de echtgenoot-schenker vereist, terwijl het verval van rechtswege optreedt. Omwille van het automatisch karakter schiet het verval zijn doel voorbij. Het volstaat dat een echtgenoot de tijdens het huwelijk gedane schenkingen kan herroepen krachtens artikel 1096 BW. Daarom beperkt dit wetgevend initiatief het toepassingsgebied van artikel 299 BW tot de overlevingsrechten.

2. Heling, sanctie en berouw

Tot nu werd heling alleen gesanctioneerd als het ging om goederen uit het gemeenschappelijk vermogen. Het toepassingsgebied wordt nu uitgebreid naar elke massa of elk vermogen dat tussen de echtgenoten bestaat: de gemeenschap, maar ook een onverdeeldheid of een verrekenmassa.

In het kader van het huwelijksvermogensrecht verliest de echtgenoot die schuldig is aan heling zijn aandeel in de geheelde goederen of waarden of wordt bij de berekening van de verrekenvordering gesanctioneerd ten belope van de geheelde goederen of waarden. Nieuw is dat de mogelijkheid tot berouw expliciet voorzien is: als de echtgenoot spontaan en tijdig de juiste en volledige informatie verstrekt of zijn valse verklaringen rechtzet, geldt de sanctie niet.

3. Preferentiële toewijzing gezinswoning, huisraad en beroepsgoederen

Preferentiële toewijzing bij echtscheiding kan enkel gevorderd worden bij een echtscheiding op grond van duurzame ontwrichting en niet bij een echtscheiding door onderlinge toestemming: daar moeten de echtgenoten de eventuele preferentiële toewijzing zelf regelen in de regelingsakte.

Als het huwelijksvermogensstelsel eindigt door echtscheiding, door scheiding van tafel en bed of door de gerechtelijke scheiding van goederen houdt de familierechtbank bij haar beslissing voortaan rekening met de belangen van elke echtgenoot en met de financiële mogelijkheden van degene die eventueel de opleg moet betalen.

4. Billijkheidscorrectie op vraag van de benadeelde echtgenoot

De familierechtbank kan bij ontbinding van het huwelijk op grond van echtscheiding wegens onherstelbare ontwrichting aan de benadeelde echtgenoot een vergoeding toekennen ten laste van de andere echtgenoot wanneer de ontbinding van het stelsel van scheiding van goederen tot manifest onbillijke gevolgen leidt ten nadele van de verzoekende echtgenoot.

De vergoeding kan niet hoger liggen dan één derde van de nettowaarde van de samengevoegde aanwinsten van de echtgenoten op het moment van de ontbinding van het huwelijk. Van dat bedrag worden wel nog de persoonlijke aanwinsten van de verzoeker afgetrokken. De vergoedingsvordering wordt behandeld binnen de procedure van vereffening van het huwelijksstelsel.

Wat zegt de Memorie van Toelichting?

Indien de echtgenoten conventioneel geen solidariteit hebben ingebouwd bij een scheiding van goederen, kan de vermogensverdeling na de ontbinding van het stelsel tot onbillijke gevolgen leiden. Dit is in het bijzonder het geval wanneer de echtgenoten in ongelijke mate vermogen opbouwen tijdens het huwelijk, bijvoorbeeld omdat een van de echtgenoten de beroepsactiviteiten heeft teruggeschroefd voor huishoudelijk werk of wegens ziekte. Bij een zuivere scheiding van goederen participeert deze echtgenoot immers niet in het vermogen dat de andere echtgenoot heeft opgebouwd, ook indien dit slechts mede mogelijk was door zijn of haar inspanningen en steun. Het gevolg is dat de economisch zwakkere partner na een echtscheiding nagenoeg met lege handen kan achterblijven (behoudens een onderhoudsvordering), terwijl de economisch sterkere partner zich dankzij de scheiding van goederen sterk heeft kunnen verrijken. Dit spoort moeilijk met de idee van de huwelijkse solidariteit. Bovendien heeft deze problematiek ook een grote genderdimensie, aangezien het nog steeds vaak de vrouw is die omwille van huishoudelijke redenen haar beroepsactiviteiten afbouwt. Tegen die achtergrond voert dit wetgevend initiatief een rechterlijke billijkheidscorrectie in, op basis waarvan de benadeelde echtgenoot in geval van manifeste onbillijkheid en op voorwaarde dat aan een aantal voorwaarden is voldaan, een vergoeding kan vorderen. Een bewuste en geïnformeerde keuze voor een stelsel van scheiding van goederen vereist dat de echtgenoten alle mogelijke voor- en nadelen van een zuivere en een gecorrigeerde scheiding van goederen begrijpen en doorspreken. De rol van de notaris is hierbij cruciaal. Daarom wordt de informatieplicht van de notaris versterkt, in het bijzonder met betrekking tot de juridische gevolgen van een beding van verrekening van aanwinsten en van de rechterlijke billijkheidscorrectie.

Lees hier de wet van 22 juli 2018

Lees hier de Memorie van Toelichting

2018-08-07T08:32:32+00:00 3 augustus 2018|Categories: Burgerlijk recht - Personen- & Familierecht|Tags: , |